‘Verdwijnen en stilte hangen samen. Door dit allemaal te hebben doorstaan, heb ik geleerd dat je stilte moet opzoeken. We denken dat het een goed idee is om je gevoelens uit te spreken, maar ik vraag me dat af. Je wilt soms de ruimte hebben om te zwijgen. Niets is mooier dan begripvol zwijgen. Taal is eigenlijk een probleem, ze is in feite een vertaling van het zwijgen, van wat je voelt. De essentie ligt ook bij de ruimte voordat ideeën zich hebben gevormd tot woorden.’ (Hisham Matar in het NRC Handelsblad Boeken van vrijdag 2 september 2016)
De schrijver met de hamer
Een constante factor in de romankunst is de ontmaskering van de mens, merkt Marek van der Jagt (alias Arnon Grunberg) op in Ik ga van hand tot hand. Dat doet zij ‘met een woede en agressie die onmogelijk kunnen zijn voortgekomen uit een diepe behoefte de wereld te omarmen.’ De vraag naar het goede houdt filosofen al eeuwen bezig, maar Grunberg neemt een ander standpunt in. Het is het kwaad dat centraal staat in zijn werk. In navolging van Nietzsche maakt Grunberg het hele morele systeem van christelijke West-Europese zeden met de grond gelijk. Dat systeem is gebaseerd op de leugen en laat zijn gezicht op vele manieren zien.
Volgens Grunberg is de verhouding tussen lezer en schrijver te vergelijken met die tussen patiënt en therapeut. Het is de lezer die zichzelf leest. Het is Grunberg vooral te doen om hulpverlening. In Omdat ik u begeer toont Grunberg ons de krochten van het bestaan waar we hooguit zijn als het licht uit is. Wraak is een natuurlijk gegeven, we zijn klootzakken en hebben recht op pijn. De lezer is ziek en moet genezen. Grunberg krabt het toch al dunne vernislaagje van onze beschaving af. Wat overblijft is onze amorele binnenwereld gedomineerd door aandriften. Grunberg schurkt hiermee langs de meest in het oog springende conclusies van Nietzsche. De moraal is bovenal tégen de natuur van de mens gericht. We strijden tegen alles wat er als aandrift in ons leeft en daarmee zijn onze schuldgevoelens geboren.
Maar Grunberg houdt ons voor dat het morele systeem niet ingewisseld moet worden voor een andere illusie. Hij waarschuwt de conformerende burger die in slaap wordt gesust door een gespekte bankrekening, de wintersport en Vincent van Gogh. Daarmee omarmt de patiënt een ander vooruitgangsgeloof met dito moraal. Van genezen is dan geen sprake. De behandeling geeft slechts tijdelijk verlichting.
Dat de scherpe lucht in het werk van Nietzsche voor Grunberg op zijn beurt louterend werkt, zal niet verbazen. In de katern Boeken van De Volkskrant van 28 december 2013 laat Grunberg ons weten dat Also sprach Zarathustra in zijn puberteit zo ongeveer het boek was dat hem redde. Zo erkent ook de schrijver zijn heelmeester.
Onésime
Ici repose le corps de Onésime Morice décédé a La Ferte Saint Samson le 5 janvier 1898 dans sa 54me aneé muni des secrements de l’ eglise il estregriteé de sa famille. Nooit eerder, nee, nooit eerder stond de kruiwagen tegen de conifeer, gekanteld in dat warme zomerlicht. Een ondiepe bak op buizen die doorlopen en eindigen als handvat. Geroest, verweerd. Het geribbelde, massieve bandje uitgeteerd. Het wieltje heeft zes spaken, zes spaken, tel ik. Ik vraag me af of Morice Onésime hier nog mee gelopen heeft. De tijd die loopt, verglijdt. Hij liep door de groentetuin en viel plots op de grond. Zijn familie vond hem en na toediening van de laatste sacramenten verliet hij het leven, met de donkerrode kleur van de frambozen uit zijn tuintje nog op zijn netvlies.
Verhuizing
Gelauwerd liggen de boeken in een doos, talige verbeelding in tekens, nagelaten bekentenis van fictief leven, tijdelijk geluk van vertelde tijd. Alsof de tijd nog even een heroïsch licht wil laten schijnen op wat zo even wegviel, het gras verdort, de tulp hangt, het amechtig prevelen van de laatste naam.